In september 2025 deed het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uitspraak in een erfrechtzaak (ECLI:NL:GHARL:2025:5529) over een erfgenaam die onder bewind stond. De vraag: wat gebeurt er als de bewindvoerder niet op tijd beslist over het wel of niet aanvaarden van de erfenis? En kun je dan nog een beroep doen op de redelijkheid en billijkheid?
Het hof bevestigde dat de wettelijke termijn van drie maanden “hard” is, ook bij erfgenamen van wie het vermogen onder bewind is gesteld.
De kern van de zaak
Het vermogen van een vrouw was onder bewind gesteld toen een familielid overleed. Haar bewindvoerder heeft binnen drie maanden na het overlijden geen verklaring van verwerping of aanvaarding afgelegd. Ook werd geen machtiging tot verwerping aangevraagd. Volgens de wet (artikel 4:193 BW) geldt dan automatisch: beneficiaire aanvaarding. Dat betekent dat je erfgenaam bent, maar niet met je privévermogen aansprakelijk voor schulden van de nalatenschap. Wel ben je verplicht om de nalatenschap netjes te vereffenen. De vrouw verzette zich hiertegen. Zij vond dat het onaanvaardbaar was dat ze tegen haar wil betrokken werd bij de afwikkeling. Bovendien wist ze pas ná de termijn dat ze erfgenaam was. Ze beriep zich op de redelijkheid en billijkheid.
Wat zegt de wet? De regels zijn duidelijk. Binnen drie maanden moet de erfgenaam (of eigenlijk de wettelijke vertegenwoordiger) een keuze maken.
Doet men dat niet? Dan wordt de nalatenschap automatisch beneficiair aanvaard. De bewindvoerder wordt gezien als wettelijke vertegenwoordiger. Hij of zij moet dus tijdig handelen.
Als er een machtiging nodig is van de kantonrechter om te verwerpen, is de datum van indiening van het verzoek beslissend – niet de datum van de beslissing.
Het oordeel van het hof
Het hof ging niet mee in het betoog van de vrouw. Het stelde:
De bewindvoerder had de taak om binnen de termijn actie te ondernemen. Dat is niet gebeurd. De wettelijke termijn is ingesteld voor rechtszekerheid en bescherming van schuldeisers. Die belangen wegen zwaar. Alleen in zeer uitzonderlijke gevallen kan een beroep op redelijkheid en billijkheid de termijn doorbreken. Daar was hier geen sprake van.
Wel erkende het hof dat het voor de erfgename belastend is dat ze nu moet meewerken aan de vereffening. Maar de boedel was klein en overzichtelijk. Bovendien bestaan er mogelijkheden om de lasten te verlichten, zoals het benoemen van een professionele vereffenaar of het verzoeken om een “lichte vereffening”.
Wat kunt u hieruit leren?
Bewindvoerders moeten alert zijn. De drie maanden-termijn is fataal. Tijdig handelen voorkomt ongewenste gevolgen. Erfgenamen van wie het vermogen onder bewind is gesteld zijn niet machteloos. De bewindvoerder vertegenwoordigt hen, maar moet wel zorgvuldig zijn. Een beroep op redelijkheid en billijkheid is zelden succesvol. De rechter houdt de termijn streng aan. Er zijn verzachtende maatregelen. Denk aan het inschakelen van een vereffenaar of het vragen van opheffing van de vereffening.
Deze uitspraak laat zien dat de wetgever strikte regels hanteert bij het aanvaarden of verwerpen van een nalatenschap. Voor erfgenamen onder bewind betekent dit dat hun bewindvoerder tijdig moet handelen. Gebeurt dat niet, dan ligt beneficiaire aanvaarding vast – ook als dat niet de bedoeling was.
Heeft u als erfgenaam of bewindvoerder te maken met een nalatenschap? Wacht niet af, maar laat u direct adviseren. Zo voorkomt u dat de termijn ongemerkt verstrijkt.



